Wát schreef Hij in het zand? Daarnaar is veel geraden. Het waren godsdienstigen die naar de regels van hun godsdienst de vrouw rechtmatig hadden veroordeeld en ze zouden haar daarop terecht met de marteling van stenigen tenslotte ter dood moeten brengen. Jezus had in gesprekken en toespraken gezegd dat godsdienstige mensen niet het recht hebben andere mensen te veroordelen en te straffen omdat ze zelf strafbare feiten pleegden, hoewel ze er zichzelf vaak niet van bewust waren. Ze wilden Hem met dit geval beproeven hoe hij die uitspraken in de praktijk zou toepassen.
Alle bijbellezers en -hoorders weten hoe dat afliep. Maar de vraag blijft: wát schreef Hij in het zand. Was het alleen een gebaar waarmee Hij wilde aantonen dat het Hem niet aanging? Nou, laat ik ook eens proberen of ik mij in Zijn gedachten en handeling kan verplaatsen. Lijkt het u vreemd als ik het vermoeden uit dat Hij schreef dat sinds Zijn lang aangekondigde komst de regels waren opgeheven. Dat Hij die woorden in het "zand" schreef lijkt mij ook duidelijk. Hij bevestigde daarmee die stelling omdat het schrift in het zand mij niet duurzaam lijkt. Een zuchtje wind of iemand loopt er over en weg is het.
Zo ook met die strafregels. Ik weet dat ik met voorgaande niet antwoord heb gegeven op de vraag of Hij het recht had die regels af te schaffen. Maar dat ligt in de lijn van de vraag of God al die gruweljke straffen aan wie ook, heeft bedacht en opgedragen die uit te voeren. Nu denken velen vast dat ik ook de tien geboden verwerp en daarmee de rest van het Oude Testament. Ik verklaar immers dat Mozes en Zijn adviseurs, hoewel door Gods Geest bezield, toch zelf moesten beslissen hoe het volk geleid moest worden. Want ik moet daarbij toch bedenken dat verschillende malen hetzelfde Woord van God leert dat niet één mens goed is, tot niet één toe. God stond zelf niet letterlijk naast hen om te dicteren welke regels Mozes moest opstellen en toepassen om het volk te leiden. Zie maar hoe de schoonvader van Mozes, Jethro, hem daarbij moest adviseren. God liet de mens vrij om de samenleving naar hun beste weten in te richten. Zo zouden alle mensen moeten begrijpen dat ze een Verlosser nodig hadden om die maatschappij, die nieuwe aarde, dat beloofde land te bereiken.
Alleen zo kan ik de gruwelen verklaren die mensen, volgens hen zeggen "in opdracht van God" bedachten en uitvoerden. Daarom schreven zij ook de oorlogen en natuurrrampen steeds maar weer aan God toe, aan de Schepper die zijn schepping lief had. Maar alleen de komst van de lang beloofde Verlosser Jezus Christus zou hen de enige juiste weg wijzen. Wie Hem als zodanig aanvaardt in zijn leven zal tenslotte dat tijdloos geluk ervaren.
Johannes 3:16: "Want zo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij zijn enig geboren Zoon heeft gegeven; opdat allen, die in Hem geloven, niet verloren zouden gaan, maar het eeuwige leven zouden hebben." Zie ook de brieven van Johannes.